resultaten van de peiling

Je leest hier het persbericht dat op 15/01/2009 werd verspreid ter gelegenheid van de resultaten van de peiling over ondernemerszin bij jongeren.

 

   

Belgisch ondernemerschap: opvolging verzekerd? VBO wijst op paradox.

 

In maart 2007 lanceerde het VBO de campagne “Je eigen bedrijf” om ondernemerschap bij jongeren te promoten. In België schommelt  het aandeel  ondernemers  ten opzichte van de totale populatie op arbeidsleeftijd rond de 3%, waarmee België net niet de hekkensluiter is van de Europese klas  (gemiddeld ongeveer 5%). Daarenboven zal de demografische realiteit zich de volgende jaren steeds harder manifesteren in het ondernemerslandschap. Volgens het SVO (Ehsal-KUB) is 40% van de ondernemers ouder dan 50 en 25% ouder dan 55. Specialisten zijn het erover eens dat de komende tien jaar maar liefst 30% van de KMO’s voor een overname en/of eigenaarwissel staat. De ogen zijn dan ook meer dan ooit gericht op jonge ondernemers om de fakkel over te nemen. Uit een peiling van het VBO bij meer dan 600 jongeren blijkt duidelijk dat de meerderheid van de jongeren tijdens hun studies al gedacht hebben aan het opstarten van een eigen bedrijf.

Opmerkelijke bevindingen

  • 60% van de humaniorastudenten en 70% van de studenten hoger onderwijs denkt aan het opstarten van een eigen onderneming.
  • Van de studenten die denken aan ondernemen, wil 63% een eigen bedrijf opstarten. Hoewel een overname de slaagkans vergroot, geeft slechts 13% de voorkeur aan de overname van een bestaand bedrijf.
  • Op de vraag of ze tijdens hun studies genoeg gesensibiliseerd werden m.b.t .het ondernemerschap, geeft 68% van de bevraagde humaniorastudenten aan dat dat niet het geval is. Dat aandeel loopt bij de hogeschoolstudenten terug tot 46%.
  • Slechts een kleine helft van de studenten zou zijn weg vinden naar de nodige infokanalen om een onderneming op te starten
  • Een verpletterende 97% van de respondenten is vragende partij voor een specifieke opleiding over de oprichting van een onderneming tijdens de hogere studies.
  • Jongeren die eraan denken een onderneming op te richten zien drie grote drijfveren. Eerst en vooral willen ze hun eigen baas zijn; daarnaast spreekt de uitdaging hen aan en slechts op de derde plaats de overtuiging dat ze als ondernemer meer kunnen verdienen.
  • Jongeren vinden een actieve kennismaking met het ondernemerschap binnen een opleiding belangrijker en efficiënter dan een passieve, one way kennismaking.
  • De financiering en een goed idee zijn basisvoorwaarden voor de jongeren om succesvol te kunnen ondernemen.
  • De gepercipieerde hindernissen  situeren zich volgens de respondenten op het vlak van de financiering en onvoldoende opleiding.

Rudi Thomaes, gedelegeerd bestuurder VBO: “Deze resultaten zijn positief. Ze  geven aan dat de wil van jongeren om te ondernemen in de kiem aanwezig is. De uitdaging zit er in ervoor te zorgen dat ze gaandeweg het spoor naar het ondernemerschap niet bijster raken “

Aanbevelingen

Om een steentje bij te dragen om net dat te vermijden, formuleert het VBO een aantal aanbevelingen:
Naast een starterbeleid dat het pad effent voor mensen die een nieuwe zaak willen opstarten, is er dringend nood aan initiatieven voor de promotie van overnames.
De laatste jaren zijn er heel wat inspanningen gedaan om onderwijs en ondernemerschap dichter bij elkaar te brengen. Het VBO pleit voor een specifieke opleiding over het oprichten en de overname van bedrijven als vast onderdeel van het lessenpakket in het hoger onderwijs. Uit de peiling blijkt dat studenten alvast vragende partij zijn.
En tot slot. Er is al veel over gezegd en geschreven, maar het blijft een aandachtspunt: er is nood aan een meer positieve communicatie over de realiteit van het ondernemen.

VBO draagt continuïteit ondernemerschap hoog in het vaandel

Rudi Thomaes, gedelegeerd bestuurder VBO: “Een goed uitgebouwd, gevarieerd, vooruitstrevend en succesvol ondernemerlandschap biedt garanties voor de continuïteit van onze welvaartstaat. Ons land kampt met een paradox. Hoewel de gevolgen van een tekort aan ondernemers steeds sterker op de voorgrond zullen treden, wordt het potentieel aan jonge ondernemers in ons land niet ten volle benut . Het VBO wil, ook in deze moeilijke tijden, blijven aan de kar trekken en alle neuzen in de richting van de lange termijnperspectieven zetten. Op de lijst van aandachtspunten voor die lange termijnvisie verdient de continuïteit van het ondernemerschap een plaats in de top.”